Geld & belastingen
Reynderstaks berekenen
Op fondsen met obligaties betaal je 30 % op het interestdeel van je winst — zonder vrijstelling, vanaf de eerste euro. Alleen de rest valt onder het tarief van 10 %.
Verkoopprijs min de waarde op 31 december 2025, of min je aankoopprijs bij aankoop na 2026.
Staat in de factsheet of het KIID. Onder 10 % geldt de Reynderstaks niet.
Manier van rekenen
De belastbare interestcomponent zoals je bank die berekent. Vraag ze op bij je bank — de schatting hierboven is een benadering.
Geldt alleen voor de meerwaardebelasting, niet voor de Reynderstaks.
Vergelijking
Totale heffing
—
Waarom een fonds zwaarder wordt belast dan de obligaties erin
De Reynderstaks bestaat al sinds 2006 en is met de nieuwe meerwaardebelasting niet verdwenen. Hij heft 30 % roerende voorheffing op het interestdeel van de winst die je maakt bij verkoop van een fonds dat voor minstens 10 % in obligaties belegt.
De twee heffingen stapelen niet op elkaar: het interestdeel valt buiten de basis van de meerwaardebelasting, dus over hetzelfde stuk winst betaal je nooit twee keer. Wat wél opvalt, is dat de vrijstelling van € 10.000 alleen voor de meerwaardebelasting geldt. Voor de Reynderstaks bestaat geen vrijstelling en geen ondergrens.
Daar zit het verschil dat in de praktijk het meeste kost. Maak je € 8.000 winst op losse obligaties, dan betaal je niets: alles valt binnen de vrijstelling. Maak je diezelfde € 8.000 op een zuiver obligatiefonds, dan betaal je € 2.400. Het onderliggende product is hetzelfde, de fiscale verpakking niet.
De drempel van 10 %
Belegt een fonds voor minder dan 10 % in obligaties, dan speelt de Reynderstaks helemaal niet. Dat is de reden waarom zuivere aandelen-ETF's zoals de bekende wereldtrackers buiten schot blijven: die houden geen obligaties aan en vallen dus volledig onder het tarief van 10 %, mét vrijstelling.
Zit je fonds net boven de drempel, dan geldt de taks wel — maar alleen op het interestdeel, dat dan klein is. Het effect schaalt dus mee met de samenstelling. Een gemengd fonds met 40 % obligaties zit fiscaal ergens tussenin, en dichter bij het obligatiefonds dan de meeste beleggers verwachten.
Hoe je de TIS vindt
TIS staat voor de belastbare interestcomponent. Fondsbeheerders publiceren dat cijfer, en je bank berekent het bij verkoop automatisch. Op je afrekening staat het als een apart bedrag naast de bruto meerwaarde.
Ken je de TIS niet, dan geeft het obligatiepercentage van het fonds een bruikbare benadering. Die schatting is niet exact: de werkelijke TIS hangt ook af van de rentebewegingen tijdens je bezitsperiode en van het verschil tussen koerswinst en opgelopen rente. Voor je aangifte gebruik je het cijfer van je bank, niet de schatting.
Kapitaliserend of uitkerend
Bij kapitaliserende fondsen wordt de rente niet uitgekeerd maar herbelegd, en komt de fiscale afrekening pas bij verkoop. Bij uitkerende fondsen betaal je onderweg al roerende voorheffing op de uitkeringen. In de praktijk vallen vrijwel alle fondsen met obligaties onder de regel, in de ene of de andere vorm.
Wat dit betekent voor je portefeuille
Voor losse aandelen, ETF's en obligaties gebruik je de algemene meerwaardebelasting; voor cryptomunten geldt een apart regime.
Wie het obligatiedeel van zijn portefeuille via een fonds aanhoudt, betaalt structureel meer belasting dan wie dezelfde obligaties rechtstreeks koopt. Daar staat tegenover dat een fonds spreiding en gemak biedt die je met losse obligaties niet krijgt, zeker bij kleinere bedragen.
De afweging is dus niet zwart-wit. Maar het fiscale verschil is groot genoeg om mee te wegen, zeker als je jaarlijks onder de vrijstellingsdrempel blijft — want daar verliest het fonds het volledig.
Veelgestelde vragen
Geldt de Reynderstaks op aandelen-ETF's?
Nee. Zolang een fonds voor minder dan 10 % in obligaties belegt, is er geen Reynderstaks. Wereldwijde aandelentrackers vallen daar ruimschoots onder en worden dus alleen belast aan 10 % met de gewone vrijstelling.
Betaal ik nu twee keer belasting op mijn fonds?
Nee. Het interestdeel wordt aan 30 % belast en valt daarmee buiten de basis van de meerwaardebelasting. Over de rest van je winst betaal je 10 %. Over hetzelfde stuk winst betaal je dus nooit beide.
Kan ik verliezen verrekenen met de Reynderstaks?
Nee. Minwaarden verreken je alleen binnen de meerwaardebelasting, en alleen binnen hetzelfde inkomstenjaar. De Reynderstaks kent geen verrekening en geen vrijstelling.
Houdt mijn bank de Reynderstaks automatisch in?
Bij een Belgische bank wel, bij verkoop. Bij een buitenlandse broker doorgaans niet, en dan moet je het zelf aangeven. Controleer dat op je afrekening.