Geld & belastingen
Verkeersbelasting berekenen
De jaarlijkse wegentaks hangt in Brussel en Wallonië alleen van je cilinderinhoud af, maar in Vlaanderen ook van je CO₂-uitstoot en euronorm. Vul de gegevens van je inschrijvingsbewijs in en zie wat je per jaar betaalt.
Waar de houder van de nummerplaat woont.
Vak P.1 van het inschrijvingsbewijs. Hieruit volgt de fiscale pk.
Vak B. Bepaalt of met de WLTP- of de NEDC-referentie gerekend wordt.
Vak V.9.
Vak V.7. Elke gram boven of onder de referentie verandert de belasting met 0,30 %.
Oldtimers betalen een verlaagd forfait.
Verkeersbelasting per jaar
—
Hoe de verkeersbelasting berekend wordt
De verkeersbelasting — in de volksmond de wegentaks of rijtaks — betaal je elk jaar zolang een voertuig op je naam staat. Ze is niet te verwarren met de belasting op de inverkeerstelling, die je maar één keer betaalt, bij de inschrijving. Wie een wagen koopt, krijgt dus twee aanslagbiljetten: eerst de BIV, daarna elk jaar de verkeersbelasting.
Het belastbaar tijdperk loopt niet van januari tot december maar van de verjaardag van je inschrijving tot een jaar later. Wie zijn wagen in maart inschreef, heeft dus een tijdperk van maart tot eind februari. Dat verklaart waarom je in het jaar van de tariefaanpassing soms nog het oude tarief betaalt: het tarief van de periode waarin je tijdperk begint, geldt voor het hele jaar.
Vlaanderen: vergroend sinds 2016
Vlaanderen vertrekt van een basisbelasting per fiscale pk, en corrigeert die vervolgens voor de milieuprestaties van de wagen. De formule is: basisbelasting × (1 + luchtcomponent + CO₂-component). De drie delen worden dus opgeteld, niet met elkaar vermenigvuldigd — een fout die op veel andere sites gemaakt wordt en die makkelijk tientallen euro's scheelt.
De luchtcomponent hangt af van euronorm en brandstof. Een euro 6-benzinewagen krijgt vijftien procent korting, een euro 6-diesel vijftien procent toeslag, en een euro 5-diesel zeventien en een half procent toeslag. Voor oudere normen loopt de toeslag op tot vijftig procent bij een euro 0-diesel. De CO₂-component telt 0,30 procent van de basis per gram boven of onder de referentie, en die referentie is 149 gram voor wagens met een WLTP-waarde en 122 gram voor oudere wagens met een NEDC-waarde.
Het effect is groot. Twee wagens met dezelfde 1.598 cc en dus dezelfde negen fiscale pk komen op 396,54 euro uit als het een euro 6-diesel met 120 gram is, en op 183,90 euro als het een euro 6-benzine met 30 gram is. Meer dan het dubbele verschil, bij een identieke motorinhoud. Wie op zoek gaat naar een tweedehandswagen doet er dus goed aan niet alleen naar de cilinderinhoud te kijken.
Brussel en Wallonië: nog altijd op fiscale pk
De twee andere gewesten hebben hun jaarlijkse belasting niet vergroend. Daar telt uitsluitend de fiscale pk, die uit de cilinderinhoud volgt volgens een wettelijke tabel: tot 750 cc is dat vier pk, 1.551 tot 1.750 cc negen pk, 1.951 tot 2.150 cc elf pk, en zo verder. Het tarief loopt van 107,18 euro voor de laagste schijf tot 2.741,77 euro bij twintig pk, met bijna 150 euro per bijkomende pk daarboven. Wallonië hervormde op 1 juli 2025 wel de BIV, maar liet de jaarlijkse belasting ongemoeid.
De tarieven van Brussel en Wallonië lopen enkele centen uiteen omdat beide gewesten onafhankelijk indexeren en verschillend afronden. Op 1 juli 2026 bedroeg de indexatie 4,08 procent.
De aanvullende belasting op lpg
Rijd je op lpg, dan komt er een aanvullende verkeersbelasting bovenop: 89,16 euro tot en met zeven pk, 148,68 euro van acht tot dertien pk, en 208,20 euro vanaf veertien pk. Die bedragen zijn federale relikwieën die niet geïndexeerd worden en waarop geen opdeciemen komen. Ze compenseren de lagere accijnzen op lpg. Voor wie veel kilometers doet, blijft lpg ondanks die toeslag doorgaans goedkoper, maar bij een lage jaarkilometrage eet ze het voordeel op.
Elektrisch rijden vanaf 2026
Tot eind 2025 waren elektrische wagens in Vlaanderen volledig vrijgesteld van verkeersbelasting. Voor voertuigen die vanaf 1 januari 2026 nieuw worden ingeschreven, is dat voorbij: zij vallen in de laagste schijf. Wagens die al vóór die datum ingeschreven waren, behouden de vrijstelling zolang ze op dezelfde naam staan — verkoop je zo'n wagen, dan vervalt het voordeel voor de koper. In Brussel en Wallonië bestond die vrijstelling nooit; daar betalen elektrische wagens het tarief van de laagste schijf.
De tarieven gelden voor het aanslagjaar van 1 juli 2026 tot 30 juni 2027. Dit is een raming: het aanslagbiljet van de belastingdienst van uw gewest is bindend. Reken na bij de Vlaamse Belastingdienst, SPW Finances of MyTax.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen verkeersbelasting en BIV?
De BIV is eenmalig en betaal je bij de inschrijving; de verkeersbelasting keert elk jaar terug zolang de wagen op je naam staat. Ze worden apart berekend en apart gefactureerd, al komen ze in Vlaanderen wel op hetzelfde aanslagbiljet terecht als de inschrijving vers is. Reken de eerste uit met de BIV-tool.
Wat gebeurt er als ik mijn wagen halverwege het jaar verkoop?
De belasting is verschuldigd per begonnen maand. Schrap je je nummerplaat, dan krijg je het teveel betaalde deel terug, berekend per volle maand die nog rest. Breng je de plaat over naar een nieuwe wagen, dan wordt het saldo verrekend in plaats van terugbetaald. Belangrijk: de terugbetaling volgt op de schrapping van de plaat, niet op de verkoop van het voertuig — laat de plaat dus tijdig intrekken.
Waarom betaal ik meer dan mijn buur met dezelfde wagen?
In Vlaanderen zijn er drie mogelijke verklaringen. Een andere euronorm, ook al is het model identiek: een wagen van vlak vóór een normwijziging kan een schijf hoger vallen. Een andere CO₂-waarde omdat de ene onder WLTP en de andere nog onder NEDC gehomologeerd is. Of een ander belastbaar tijdperk, waardoor de een nog het tarief van vorig jaar betaalt en de ander al het nieuwe.
Geldt er een vrijstelling voor mensen met een handicap?
Ja. Wie een attest heeft van blijvende invaliditeit van minstens tachtig procent, of van blindheid, verlamming of amputatie van de bovenste ledematen, kan vrijstelling krijgen van de verkeersbelasting en van de BIV, voor één voertuig. De aanvraag verloopt via de belastingdienst van je gewest en de vrijstelling geldt niet automatisch — je moet ze aanvragen. Vraag het na bij je eigen gewest, want de voorwaarden verschillen.
Hoe zit het met aanhangwagens, mobilhomes en motorfietsen?
Die hebben elk hun eigen tarief. Motorfietsen tot 250 cc zijn vrijgesteld; daarboven geldt een vast bedrag van ongeveer 76 euro. Mobilhomes betalen ongeveer veertig procent van het autotarief. Aanhangwagens tot 500 kilo betalen een klein vast bedrag, zwaardere aanhangwagens iets meer. Deze tool rekent op personenwagens; voor de andere voertuigcategorieën kijk je het tarief best na bij je gewest.