Geld & belastingen
BIV berekenen
De belasting op de inverkeerstelling betaal je één keer, wanneer een wagen op jouw naam komt. Elk gewest rekent anders: kies je gewest, vul de gegevens van het inschrijvingsbewijs in en je ziet meteen wat het kost.
Waar de houder van de nummerplaat woont — niet waar je de wagen koopt.
Vak B van het inschrijvingsbewijs. Bij een nieuwe wagen: vandaag.
Vak V.7 van het inschrijvingsbewijs.
Vak V.9 van het inschrijvingsbewijs.
Alleen bij diesel euro 3 en euro 4: een roetfilter verlaagt de luchtcomponent.
Vak P.2 van het inschrijvingsbewijs.
Vak P.1. Hieruit volgt de fiscale pk.
Vak F.1 van het inschrijvingsbewijs.
WLTP vanaf bouwjaar 2019-2021, NEDC daarvoor. De deler verschilt: 136 tegenover 115.
Leasingtarieven worden in Brussel niet geïndexeerd en liggen daardoor lager.
In Wallonië geeft dat 250 euro vermindering.
Belasting op de inverkeerstelling
—
Hoe de BIV in elk gewest berekend wordt
De belasting op de inverkeerstelling is een eenmalige belasting. Je betaalt ze wanneer een voertuig voor het eerst op jouw naam wordt ingeschreven — bij een nieuwe wagen, maar evengoed bij een tweedehandswagen die je overneemt of invoert. Daarna volgt elk jaar de jaarlijkse verkeersbelasting, en dat is een aparte berekening.
Sinds de zesde staatshervorming beslist elk gewest zelf hoe het die belasting berekent, en de drie zijn intussen volledig uit elkaar gegroeid. Het gewest van de houder telt: woon je in Gent en koop je een wagen bij een garage in Namen, dan geldt het Vlaamse tarief.
Vlaanderen: CO₂, euronorm en leeftijd
Vlaanderen rekent sinds 2012 op milieukenmerken en niet meer op vermogen. De formule luidt: BIV = ((CO₂ × f × q) / 246)6 × 4500 + c, en dat resultaat gaat maal de leeftijdscorrectie. De factor f is 1 voor benzine en diesel, 0,88 voor lpg en 0,93 voor aardgas. De factor q corrigeert voor de technologische vooruitgang en stijgt elk kalenderjaar met 0,035 — in 2026 staat hij op 1,245. De luchtcomponent c hangt af van de euronorm en de brandstof, en daar zit het grote verschil tussen benzine en diesel: voor euro 6 is dat 28,54 euro tegenover 628,89 euro.
Die zesdemacht maakt de belasting bijzonder steil. Een benzinewagen die 120 gram uitstoot kost 254 euro; dezelfde wagen op 200 gram kost 4.868 euro. Tussen die twee zit maar tachtig gram, maar bijna negentien keer zoveel belasting. Wie twijfelt tussen twee motorversies van hetzelfde model rekent dat dus beter eerst uit — het verschil overtreft vaak de meerprijs van de duurdere uitvoering.
De leeftijdscorrectie werkt in schijven van twaalf maanden: het eerste jaar betaal je honderd procent, daarna elk jaar tien procentpunt minder, tot tien procent vanaf negen jaar. Het bedrag ligt altijd tussen 58,16 euro en 14.539,31 euro. Sinds 1 januari 2026 zijn nieuwe elektrische wagens en waterstofwagens niet langer vrijgesteld: zij betalen een forfait van 61,50 euro. Wie zijn elektrische wagen vóór die datum liet inschrijven, houdt de vrijstelling zolang hij op dezelfde naam staat.
Wallonië: vermogen, CO₂ en gewicht
Wallonië heeft het stelsel op 1 juli 2025 volledig herzien. De formule is nu: TMC = basisbedrag × (CO₂ / deler) × (MTM / 1.838) × energiecoëfficiënt. Het basisbedrag hangt af van het motorvermogen in kilowatt en loopt van 64,01 euro tot 5.159,25 euro. De deler is 136 bij een WLTP-homologatie en 115 bij NEDC. De massaverhouding is nieuw en straft zware wagens: een SUV van 2.400 kilo betaalt bijna een derde meer dan dezelfde motorisatie in een auto van 1.838 kilo.
De energiecoëfficiënt is 1 voor benzine, diesel, lpg en aardgas, 0,8 voor hybrides, en voor elektrische wagens 0,01 tot 0,26 naargelang het vermogen. Bij elektrische wagens vervalt bovendien het CO₂-deel. Het eindbedrag ligt tussen 50 en 9.000 euro. Grote gezinnen met minstens drie kinderen onder 21 krijgen 250 euro vermindering.
Brussel: de oude federale tabel
Brussel heeft niets vergroend en werkt nog met het systeem van vóór de staatshervorming. Je berekent het bedrag twee keer — één keer volgens de fiscale pk uit de cilinderinhoud, één keer volgens het vermogen in kilowatt — en het hoogste van de twee is wat je betaalt. Daarna komt de degressiviteit volgens ouderdom, in dezelfde vijftien stappen als in Wallonië. Het minimum is 78,88 euro, het maximum 6.357,85 euro. Lpg-wagens krijgen 382,21 euro korting, waardoor de twee laagste schijven op nul uitkomen. Voor leasing en renting gelden aparte, niet-geïndexeerde bedragen die merkelijk lager liggen. Elektrische wagens betalen in Brussel geen nul maar het minimumbedrag.
Waarom dezelfde wagen drie prijzen heeft
Neem een dieselwagen van 110 kW met 1.998 cc, 140 gram CO₂ en 1.900 kilo. In Brussel bepaalt alleen de motor het bedrag; in Vlaanderen doet de euronorm er enorm veel toe; in Wallonië telt het gewicht mee. Verhuis je met je wagen naar een ander gewest, dan betaal je geen tweede keer BIV — de belasting is aan de inschrijving verbonden, niet aan het adres. Maar koop je een wagen kort na een verhuis, dan kan het uitmaken op welke naam en in welk gewest hij ingeschreven wordt.
De bedragen hierboven gelden voor het aanslagjaar van 1 juli 2026 tot 30 juni 2027. Dit is een raming: het definitieve bedrag staat op het aanslagbiljet van de belastingdienst van jouw gewest. Voor Vlaanderen kan je het narekenen bij de Vlaamse Belastingdienst, voor Wallonië bij SPW Finances en voor Brussel bij MyTax.
Veelgestelde vragen
Wanneer moet ik de BIV betalen?
Je krijgt het aanslagbiljet automatisch na de inschrijving bij de DIV, meestal binnen enkele weken. Je hoeft dus niets zelf aan te geven. Betalen doe je binnen twee maanden na de verzenddatum op het biljet. Wie een wagen invoert uit het buitenland, betaalt de BIV bij de inschrijving in België, ook al betaalde hij in het land van herkomst al een gelijkaardige taks.
Betaal ik opnieuw BIV als ik een tweedehandswagen koop?
Ja. De BIV hangt aan de inschrijving, niet aan het voertuig. Elke keer dat een wagen op een nieuwe naam komt, is er opnieuw BIV verschuldigd — maar dan wel verminderd volgens de ouderdom van het voertuig. Bij een wagen van tien jaar oud blijft in Vlaanderen nog tien procent over, in Brussel en Wallonië dertig procent. Tussen echtgenoten en bij een naamswijziging na een scheiding of overlijden gelden vrijstellingen.
Waarom staat er soms een andere CO₂-waarde op mijn bestelbon dan op het inschrijvingsbewijs?
Omdat er twee meetmethodes bestaan. NEDC was de oude labotest, WLTP de strengere test die sinds 2018 geleidelijk werd ingevoerd. Dezelfde wagen scoort onder WLTP ongeveer twintig procent hoger. Voor wagens die vanaf 2021 voor het eerst zijn ingeschreven, rekent Vlaanderen met de WLTP-waarde; oudere wagens vallen onder de vroegere formule met de NEDC-waarde. Wallonië vangt het verschil op met een andere deler: 136 voor WLTP, 115 voor NEDC.
Wat verandert er in 2026 voor elektrische wagens?
In Vlaanderen verdwijnt de volledige vrijstelling voor nieuwe inschrijvingen vanaf 1 januari 2026. Een nieuwe elektrische of waterstofwagen betaalt voortaan 61,50 euro BIV en valt daarna in de laagste schijf van de jaarlijkse verkeersbelasting. Wagens die vóór die datum al ingeschreven waren, blijven vrijgesteld zolang ze op dezelfde naam staan; wie vóór 6 oktober 2025 besteld had, kon met de bestelbon nog de vrijstelling behouden. Brussel en Wallonië hebben geen vrijstelling maar wel een sterk verlaagd tarief: in Brussel het minimumbedrag, in Wallonië een energiecoëfficiënt van 0,01 tot 0,26.
Geldt er nog iets aparts voor oldtimers?
Voertuigen van dertig jaar en ouder — in Brussel gold lange tijd vijfentwintig jaar, maar die grens is opgetrokken — vallen sowieso in de laagste categorie, omdat de degressiviteit na vijftien jaar toch al op het minimumbedrag uitkomt. Voor de jaarlijkse verkeersbelasting bestaat er wel een echt oldtimerforfait, dat een stuk lager ligt dan het gewone tarief. De voorwaarden verschillen per gewest, dus kijk het na bij je eigen belastingdienst.